Overdenking van de predikant


VERSTAAN

In de eindeloze wereld van talen gaat het er om: verstaan we elkaar? Is er herkenning en begrip? Iemand die een zakelijke vraag stelt, wil graag een zakelijk antwoord. Iemand die een wetenschappelijke vraag stelt, wil graag een wetenschappelijk antwoord. En als iemand vraagt: hoe heeft mijn leven zin en betekenis? heeft het een plek in een groter geheel? dan zijn dat in wezen religieuze vragen. Die vragen om een antwoord in een religieuze taal.

Op Pinksteren lezen we over de grote toren die in Babel wordt gebouwd: een religieus project. Eén van de motieven is: de hemelbestorming. Op zich is er niets mis mee. Maar veel mogelijkheden dragen een dubbelzinnigheid in zich: het kan verbinden of uiteendrijven. Iedere vooruitgang in de samenleving vraagt ook om verdere ontwikkeling van het morele besef. Een emailbericht kan aan goede communicatie bijdragen. Maar we kennen ook de voorbeelden van mensen die emotioneel leeglopen en te snel op de verzendknop klikken. Hoogmoed komt voor de val. Daarom begint het torenbouwverhaal te spotten. De mensen zijn druk aan het opklimmen. Maar God moet bij wijze van spreken zijn bril opzetten om te zien wat daar op aarde gebeurt. Het is bepaald geen toren die tot in de hemel reikt. Babel betekent in het Akkadisch: poort van God. Zo’n hemelbestormende toren is te hoog gegrepen. Een poging tot een totalitaire menselijke macht. Het brengt geen grotere eenheid. Mensen verstaan elkaar niet meer. Het verkeert allemaal in zijn tegendeel. En er komt verwarring en verstrooiing uit voort. Het eindigt met die andere betekenis van Babel: verwarring, wirwar, warboel.

Pinksteren is nodig: een nieuw verstaan. Over taalgrenzen heen. Alle mensen kinderen van de Ene. Daarin ligt herkenning en eenheid. Met Pinksteren gaat het niet om ‘tot stand brengen’, maar om je te openen voor wat ons wordt gegeven: de goede Geest. Je openen voor een taal die verbindt en verenigt.

Derk Jan Deunk